Citroenboom

← Terug naar Bomen
Citroenboom
Mediterraan

Citrus × limon

Belangrijkste tip

Veel zon, warmte, voldoende voeding en een luchtige wortelzone. In ons klimaat is vooral de winterstandplaats bepalend: helder, vorstvrij en niet langdurig onder circa 10 °C.

Oorspronkelijke herkomst

De citroen is een oude gecultiveerde hybride (cultigen) en heeft geen eenvoudige wilde natuurlijke herkomst. Botanisch wordt Citrus × limon beschouwd als een hybride binnen het Aziatische Citrus-complex.

Eigenschappen

Citroenboom (Citrus × limon) is een groenblijvende subtropische citrus met glanzend aromatisch blad, geurende witte bloemen en gele vruchten. Jonge twijgen kunnen doorns dragen en de boom verlangt veel licht, warmte en voeding.

Voor- en nadelen als bonsai

Pluspunten zijn de geurende bloemen, glanzende bladeren, eetbare/sierlijke vruchten en aromatische bast. Nadelen zijn relatief groot blad en fruit, vorstgevoeligheid en gevoeligheid voor spint, schildluis en wortelproblemen bij donkere of te natte overwintering.

Standplaats als bonsai

Van late voorjaar tot vroege herfst buiten in volle zon en warmte. In gematigd klimaat in herfst tijdig naar binnen of kas. Bescherm tegen temperaturen onder ongeveer 10 °C en zorg in winter voor maximaal licht; bij warme overwintering kan groeilicht nodig zijn.

Groei

Sterke groei bij warmte, zon en regelmatige voeding. Bij koelere en donkere winteromstandigheden vertraagt de groei sterk.

Geschikte stijlvormen

Informeel rechtop, hellend, bezemachtig en meerstammig. Voor bonsai werkt een middelgroot formaat vaak beter vanwege blad- en vruchtgrootte.

Vormsnoei

Zwaardere snoei uitvoeren wanneer de boom warm en actief groeit, meestal voorjaar tot vroege zomer. Grote wonden netjes afwerken en niet tegelijk zwaar wortelsnoeien.

Onderhoudssnoei

Lange nieuwe scheuten tijdens het groeiseizoen terugnemen om vertakking te stimuleren. Spaar bloeiende en vruchtdragende twijgen wanneer fruit in de presentatie gewenst is.

Fijnsnoei

Nieuwe scheuten na enkele bladeren terugknippen tot twee of drie bladeren. Sterke topscheuten eerder remmen en zwakke binnenste groei sparen.

Bladsnoei / ontbladeren

Geen volledige ontbladering toepassen. Alleen beschadigd, ziek of plaatselijk storend groot blad verwijderen.

Wortelsnoei

Wortelwerk uitvoeren bij warm actief groeiseizoen en terughoudend werken. Citrus reageert slecht op een combinatie van koude, natte wortels en zware wortelbeschadiging.

Knopbeheer

Sterke vegetatieve scheuten selecteren en waterloten verwijderen. Bloemknoppen sparen waar bloei/vruchten gewenst zijn; bij een zwakke boom bloei juist beperken.

Bloei- en vruchtbeheer

Bloemen en vruchten kosten veel energie. Laat op kleine bonsai slechts een beperkt aantal citroenen uitgroeien en ondersteun zware vruchten indien nodig. Verwijder beschadigde of zieke vruchten.

Bedraden

Jonge takken zijn beter te bedraden dan oud bros hout. Bedraad tijdens actieve groei, controleer vaak op insnoeren en bescherm de bast.

Bemesten

Citrus is een relatief sterke verbruiker. Tijdens warme actieve groei regelmatig evenwichtig bemesten met voldoende stikstof en kalium plus sporenelementen. Bij koele winterrust sterk verminderen en nooit zwaar bemesten bij wortelstress.

Watergifte

In zomer regelmatig en grondig water geven zodra de substraatoppervlakte begint op te drogen. Tijdelijke lichte droogte wordt beter verdragen dan constant natte wortels. Gebruik bij voorkeur niet extreem kalkrijk water.

Substraat

Luchtig, licht zuur tot neutraal en zeer goed drainerend, bijvoorbeeld akadama met puimsteen/lava en eventueel een beperkt organisch aandeel. Vermijd dichte natte potgrond.

Verpotten

Verpot bij warme actieve groei wanneer de kluit dicht is of het substraat verslechtert. Wortels matig snoeien en de boom daarna warm, licht en beschut houden.

Ziekten en problemen

Veel voorkomend zijn spint, schildluis, dopluis, bladluis, chlorose door hoge pH/voedingsgebrek, bladval door donkere of te warme overwintering en wortelrot bij voortdurend nat substraat.