
Vitis vinifera
Doe zware snoei na bladval maar vóór de vroege sapstroom; druiven kunnen anders sterk bloeden. Volle zon, consequente zomersnoei en een beperkte vruchtbelasting houden de bonsai compact en gezond.
Oorspronkelijke herkomst
Zuid-centraal en Zuidoost-Europa tot Centraal-Azië en Noord-Iran.
Eigenschappen
Wijnstok is een krachtige bladverliezende houtige klimplant met ranken, gelobde bladeren, afschilferende oude bast en druiventrossen. Oude stammen kunnen sterke beweging, holten en natuurlijk dood hout ontwikkelen.
Voor- en nadelen als bonsai
Voordelen zijn snelle stamverdikking, karaktervolle oude bast en deadwood, sterke snoeitolerantie en mogelijke druiventrossen. Nadelen zijn groot blad en grote vruchten, lange internodiën, sterke rankgroei en hevig sapbloeden wanneer op het verkeerde moment wordt gesnoeid.
Standplaats als bonsai
Buiten in volle zon en met goede luchtcirculatie. Veel zon is belangrijk voor rijping, compacte groei en eventuele vruchtzetting. Bescherm de schaal tegen langdurige strenge vorst en extreme uitdroging.
Groei
Zeer krachtig in voorjaar en zomer. Lange scheuten en ranken moeten frequent worden gestuurd; oude stammen kunnen sterk verdikken en een verweerd uiterlijk ontwikkelen.
Geschikte stijlvormen
Informeel rechtop, hellend, cascade/halfcascade en vrije oude-wijnstokvormen met dramatische stam en deadwood. Door grote bladeren werkt middelgroot tot groot vaak het best.
Vormsnoei
Voer de hoofd-/structuursnoei vroeg in de winter uit, na bladval en bij voorkeur vóór Kerst, zodat sterke sapbloeding tijdens de vroege sapstroom wordt vermeden.
Onderhoudssnoei
Knijp en knip nieuwe scheuten tijdens het groeiseizoen regelmatig terug. Verwijder overtollige ranken en houd voldoende bladeren over voor kracht en rijping van het hout.
Fijnsnoei
Selecteer korte zijloten en bouw vertakking op met herhaald terugsnoeien. Te veel zomersnoei ineens kan de kracht en vruchtkwaliteit verlagen.
Bladsnoei / ontbladeren
Geen routinematige volledige ontbladering. Verwijder selectief grote bladeren die licht blokkeren, vooral rond vruchten, maar behoud voldoende blad voor fotosynthese.
Wortelsnoei
Verpot in het vroege voorjaar wanneer de knoppen beginnen te verlengen. Snoei wortels gematigd en zorg daarna voor bescherming tegen late vorst.
Knopbeheer
Selecteer knoppen en nieuwe scheuten op plaats en richting. Houd rekening met de gekozen vrucht-/spoorstructuur wanneer druiven gewenst zijn.
Bloei- en vruchtbeheer
Beperk het aantal trossen sterk bij een bonsai; jonge of zwakke bomen liefst helemaal niet laten dragen. Een beperkte vruchtbelasting voorkomt uitputting en takbreuk.
Bedraden
Jonge scheuten kunnen voorzichtig worden bedraad, maar ranken en snel verdikkende groei vragen frequente controle. Oud hout is vaak beter met snoei, spandraden en natuurlijke beweging te vormen.
Bemesten
Tijdens actieve groei regelmatig uitgebalanceerd voeden. Vermijd overmatige stikstof bij een boom die moet bloeien of vruchten dragen; een te rijke voeding veroorzaakt lange zachte groei.
Watergifte
Tijdens krachtige bladgroei en vruchtzetting regelmatig en grondig water geven. Laat de kluit niet volledig uitdrogen, maar zorg voor goede drainage en vermijd permanent doorweekt substraat.
Substraat
Luchtig, goed drainerend en voldoende vochtvasthoudend. Wijnstok groeit krachtig en verbruikt veel water en voeding; een te arme of te droge kleine schaal remt de gezondheid snel.
Verpotten
Gewoonlijk om de twee à drie jaar in het vroege voorjaar wanneer de knoppen beginnen te bewegen. Oudere bomen alleen verpotten wanneer wortelruimte en drainage dat nodig maken.
Ziekten en problemen
Meeldauw is een belangrijk probleem. Verder kunnen grauwe schimmel, virusziekten, schildluis, wolluis en druivenblad-/galmijten optreden. Goede luchtcirculatie en hygiëne zijn belangrijk.
